Griekenland, nu officieel de Helleense Republiek, vereenzelvigen we haast vanzelf met de Akropolis in Athene, het orakel van Delfi, de wieg van de democratie en de Olympische Spelen. Maar wie het land met meer dan 6000 eilanden, aandachtig bezoekt, ontdekt algauw ook indrukwekkende Byzantijnse kloosters, ruwe Frankische burchten, charmante Venetiaanse havensteden en prachtige Ottomaanse herenhuizen, moskeeën en bruggen. Het moderne Griekenland – en de ruimere Griekse wereld – heeft zoveel meer te bieden dan zijn wereldberoemde antiquiteiten.
Honderden steden langs de kusten van de Middellandse Zee en de Zwarte Zee verspreidden het hellenisme, de levenswijze en het denken van de Grieken. In 2012, verscheen van Pieter Borghart “Inleiding in de Nieuwgriekse literatuur”, het eerste systematisch overzicht van de moderne Griekse literatuurgeschiedenis in het Nederlands taalgebied sinds bijna een eeuw. Ondertussen is er in Griekenland heel wat gebeurd: de financiële en economische crisis teistert het land nu al bijna tien jaar en heeft zowel het politiek, openbaar als privéleven diepgaand getekend. En dat laat zich uiteraard ook voelen in de literatuur van het afgelopen decennium.
Aan de hand van een ruime selectie representatieve fragmenten – origineel én in vertaling – bood dit boek een persoonlijke geschiedenis van de Nieuwgriekse literatuur vanaf haar ontstaan tot vandaag. Het historisch overzicht vangt aan met de literatuur uit de Komneense periode en de Palaiologentijd (12de-14de eeuw), en belicht vervolgens een aantal vroegmoderne (renaissance, Verlichting) en moderne (romantiek, realisme, modernisme) cultuurhistorische en literaire periodes. Hierin komen zowel wereldbefaamde grootheden als K.P. Kavafis, Nikos Kazandzakis, Giorgos Seferis en Odysseas Elytis aan bod, als literaire parels die het internationale publiek nog niet ontdekt heeft. De behandeling van de – vaak postmoderne – literatuur sinds het einde van het kolonelsregime in 1974 wordt in deze nieuwe editie aangevuld met een uitgebreide epiloog over de ‘literatuur van de crisis’.
In 1832 werd Griekenland een koninkrijk: de zeventienjarige prins Otto van Beieren, zoon van de filhelleen Lodewijk I uit het huis Wittelsbach, beklom als Otto I (foto) de troon. In 1923 overleed de derde koning, Konstantijn I in ballingschap in Palermo. In datzelfde jaar schafte het parlement de monarchie af en riep de republiek uit. Na één jaar koning geweest te zijn, vertrok George II naar Londen.
Sinds 1974 is Griekenland een democratie en een republiek, nadat het vanaf 1832 met tussenpozen een monarchie was. Het land trad in 1981 als tiende land toe tot de Europese Economische Gemeenschap, de voorloper van de Europese Unie. Het betaalmiddel is de euro. Hoewel de Griekse staatsschuldencrisis grote gevolgen had voor de economie en de samenleving, geldt Griekenland als economisch hoogontwikkeld en relatief welvarend. Op 2 mei 2010 heeft de Europese Commissie, de Europese Centrale Bank (ECB) en het Internationaal Monetair Fonds (IMF), later bijgenaamd de trojka, een lening van € 110.000.000.000 toegezegd, om Griekenland te redden en haar financiële behoeften te bekostigen voor de periode, mei 2010 tot juni 2013. Als tegenprestatie moet de Griekse staat voldoen aan de uitvoering van de bezuinigingsmaatregelen, structurele hervormingen en privatisering van overheidsactiva.
Tussen 2009 en 2015 volgenden vier premiers elkaar snel op. De nieuwe premier Alexis Tsipras (2015-2019) (foto) probeerde met een referendum de opgelegde financiële maatregelen niet te aanvaarden. Dit maakte niet veel indruk op de kredietverstrekkers. Daarenboven stond Griekenland op de eerste rij bij de Europese vluchtelingencrisis. In 2018 kreeg Tsipras een schuldopschorting van 10 jaar. Bij de Griekse parlementsverkiezingen 2019 werd Tsipras niet herkozen, Kyriakos Mitsotakis (foto) werd de nieuwe premier. Naar schatting verlieten tussen 2010 en 2020, vierhonderdduizend Grieken het land, de waardevolle publieke infrastructuur werd geprivatiseerd en verkocht.
Het boek “Nieuwgriekse geschiedenis, De Griekse wereld van de late middeleeuwen tot vandaag”, gaat niet over de bakermat van de westerse beschaving, maar vertelt het minder bekend verhaal van de ‘Nieuwgriekse’ geschiedenis. Dat verhaal begint in de late middeleeuwen en neemt je mee op een fascinerende reis doorheen de laat-Byzantijnse, Frankische, Venetiaanse en Ottomaanse periode. Daarna komen natuurlijk de Griekse onafhankelijkheid in de 19de eeuw en de uitbouw van de moderne natiestaat tot vandaag uitgebreid in beeld, tot en met de Europese integratie en de recente economische crisis.
Dit fenomenaal overzichtswerk beperkt zich daarenboven niet tot geopolitieke en staatkundige ontwikkelingen, maar staat ook stil bij de evolutie van de Griekse taal en literatuur, de rol van de orthodoxe godsdienst, hoe Griekstaligen in het verleden naar zichzelf keken – waren ze nu ‘Romeinen’ of ‘Hellenen’? – en de moeizame omgang van de moderne Grieken met de zware culturele erfenis uit de klassieke oudheid.
Pieter Borghart is neohellenist en classicus en promoveerde in 2005 met een studie over het naturalisme in de Nieuwgriekse literatuur. Tot 2013 doceerde hij Nieuwgriekse letterkunde aan de Universiteit Gent. Hij is de auteur van een boek over het Europees naturalisme (In het spoor van Emile Zola, 2006) en schreef de eerste Inleiding in de Nieuwgriekse literatuur (2012) in het Nederlands taalgebied in bijna 100 jaar. Pieter Borghart is tegenwoordig acquirerend redacteur bij uitgeverij Houtekiet.
Pieter Borghart Nieuwgriekse geschiedenis De Griekse wereld van de late middeleeuwen tot vandaag 526 bladz. uitg. Houtekiet EAN 9789057209567